Van rendement jagen naar vermogen beheren
Wie een miljoen euro heeft opgebouwd, heeft doorgaans niet nog eens een verdubbeling nodig, maar wil koopkracht behouden en risico's beheersbaar houden. Dat verandert de vraagstelling: niet "waar haal ik het hoogste rendement?" maar "welke gebeurtenissen kunnen dit vermogen structureel beschadigen, en hoe sluit ik die uit?".
Fiscale drempels om te kennen
- Jaarlijkse taks op effectenrekeningen: 0,15% op rekeningen met een gemiddelde waarde boven één miljoen euro. Kunstmatig splitsen om onder de drempel te blijven, wordt door de wet geviseerd.
- Roerende voorheffing van 30% op interesten en dividenden, met beperkte vrijstellingen en een gedeeltelijke recuperatie van dividendbelasting via de aangifte.
- Meerwaarden op financiële activa: sinds 2026 geldt een meerwaardeheffing met een vrijgestelde schijf; het regime verschilt naargelang het type activa en de omvang van je participatie.
- Vastgoed: onroerende voorheffing, een belastbare basis die afhangt van het gebruik door de huurder, en aankoopkosten die je over een lange horizon moet uitsmeren.
- Vennootschapsstructuur: andere tarieven en andere uitkeringskosten — reken de volledige keten tot privéopname door.
Een werkbare verdeling
| Categorie | Indicatief gewicht | Rol |
|---|---|---|
| Liquide reserve | 5 – 10% | Opportuniteiten en onvoorziene uitgaven |
| Vastrentend | 20 – 35% | Voorspelbare cashflow en demping |
| Aandelen en ETF's | 30 – 45% | Groei boven inflatie |
| Vastgoed | 10 – 25% | Reële activa en huurinkomsten |
| Private markets | 5 – 15% | Hoger verwacht rendement, illiquide |
Inkomsten zonder je kapitaal op te eten
Een vaak gehanteerde vuistregel is dat je jaarlijks ongeveer het reële rendement kan opnemen — dus het nettorendement min de inflatie. Bij 4,5% netto en 2,5% inflatie is dat ongeveer 2% of 20.000 euro per jaar met behoud van koopkracht. Wie meer opneemt, teert in, wat perfect verdedigbaar kan zijn maar bewust moet gebeuren.
Illiquiditeit stapelt sneller dan je denkt
Een pand, twee private-creditdossiers en een participatie in een niet-beursgenoteerd bedrijf: samen kan dat 60% van je vermogen zijn dat je niet binnen het jaar te gelde maakt. Bepaal vooraf een maximum voor het illiquide deel.
Vergelijk met je eigen kapitaal
Vastgoed naast een brede aandelen-ETF, netto na belasting en inflatie.
Verhuurd vastgoed (privé, zonder krediet)
netto 1.4% – 3.2% per jaar
- Nominaal na 10 jaar
- € 1.153.699 – € 1.370.241
- Na inflatie (koopkracht)
- € 898.916 – € 1.072.247
Bruto huurrendement min leegstand, onderhoud, verzekering, syndicus en onroerende voorheffing. Privéverhuur aan particulieren wordt belast op het geïndexeerd kadastraal inkomen, niet op de werkelijke huur. Aankoopkosten (registratie of btw, notaris) van 10–25% zijn niet in de jaarlijkse cijfers verwerkt.
Wereldwijde aandelen-ETF
netto 3.4% – 7.0% per jaar
- Nominaal na 10 jaar
- € 1.390.288 – € 1.957.978
- Na inflatie (koopkracht)
- € 1.088.326 – € 1.545.555
Aanname: kapitaliserende tracker, lopende kosten ca. 0,15–0,25% plus brokerkosten en TOB. Fiscale aanname: meerwaardebelasting op financiële activa zoals die vanaf 2026 geldt — controleer het actuele tarief en je vrijstelling. Waarde kan sterk schommelen; jaren met -30% zijn historisch voorgekomen.
Deze module rekent met indicatieve rendementsranges en fiscale aannames die je zelf kan aanpassen in de gedetailleerde tools. Het zijn vooropgestelde scenario's, geen gegarandeerde rendementen en geen persoonlijk beleggings- of fiscaal advies. Rendementen uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst.
Veelgestelde vragen
Hoeveel levert 1 miljoen euro op per jaar?
Bij 3% netto ongeveer 30.000 euro, bij 5% netto ongeveer 50.000 euro. Reken daarnaast met inflatie: bij 2,5% inflatie heb je jaarlijks ongeveer 25.000 euro rendement nodig om de koopkracht van één miljoen euro te behouden.
Betaal ik de effectentaks bij een miljoen euro?
De jaarlijkse taks op effectenrekeningen bedraagt 0,15% en geldt voor rekeningen met een gemiddelde waarde boven één miljoen euro. Of ze verschuldigd is, hangt af van het gemiddelde over de referentieperiode en van welke instrumenten op de rekening staan.
Beter privé of via een vennootschap beleggen bij dit bedrag?
Er is geen algemeen antwoord. Het hangt af van waar het geld vandaan komt, of je het privé nodig hebt, welke uitkeringskosten spelen en welk type activa je aanhoudt. Bekijk de vergelijking privé versus vennootschap en laat de eindafweging altijd toetsen door je boekhouder of fiscalist.
Meer informatie
Volgende stap
De gratis scan van twaalf vragen zet je horizon, risicobereidheid, liquiditeitsbehoefte en doelstelling om in een profiel, en toont welke investeringscategorieën daarbij aansluiten.
Deze pagina bevat algemene, informatieve vergelijkingen op basis van publieke bronnen en geen persoonlijk beleggings-, fiscaal of juridisch advies. Vermelde rendementen zijn indicatief of vooropgesteld en nooit gegarandeerd; beleggen brengt risico's mee, waaronder het verlies van (een deel van) je kapitaal.